
SNUISTERUIEN
Mij vallen vaak kleine details op. Zo zie ik in Kampen regelmatig auto’s met een sticker van een visje met een bel op de achterkant. Inmiddels ben ik helemaal op de hoogte: het is een verwijzing naar de legendarische Kamper ui over de steur. Een enorme vis die met een bel om werd teruggegooid in de IJssel, wachtend op een bisschop die nooit kwam opdagen. Bel of niet, de vis liet zich nooit meer vangen.
Sinds de jaren zeventig ligt er ter illustratie een kunststof steur in het water bij de stadsbrug. Het huidige exemplaar is zeven en een halve meter lang. Hij is al een aantal keer van kleur veranderd en bijna op de schroothoop beland, maar na een grondige opknapbeurt heeft hij weer een waterdichte huid en dobbert hij trots voor het stadsfront. Wat is er door de jaren heen toch met al die voorgangers gebeurd? Er gaan geruchten over vissen die zijn weggeroest of meegesleurd door de stroming. Ik zag zelfs een foto van een grijs exemplaar met een paraplu en een joint tussen de kaken. Vast een creatieve grap uit de tijd van de kunstacademie. Er wordt zelfs gefluisterd dat er ooit een vis is ‘verdronken’, omdat men vergat hem na de Kamper Ui(t)dagen uit het water te halen.
Misschien kopen we over enkele jaren wel unieke souvenirs gemaakt van de resten van oude steuren die uit de IJssel zijn gevist. Een paar bijzondere ‘snuisteruien’ uit de Kamper geschiedenis, zeg maar.
(Stadscolumn #1 | 15 maart 2020)

“WÖÖR BI’J D’R ENE VAN?”
Dat hoorde ik toen ik net (1995) in Kampen woonde. “Wat zeggen ze nou?”, dacht ik eerst. Later zag ik het ergens staan. Aha, zo schrijf je dat dus op zijn Kampers. Als iemand van “buitenaf” wist ik ook niet precies wat men hiermee bedoelde. Inmiddels ben ik ingeburgerd en versta ik het Kampers dialect, wat betekent dat ik nu met trots kan zeggen dat ik er “ene” ben. Hoewel ik geen inheemse Kamper familiestamboom heb, heb ik mijn bedrijf Passie voor Glans tot mijn eigen Kamper stamboom uitgeroepen.
