
HAPKLARE BROKKEN
Mijn vrouw belde: we kregen visite en de koelkast was leeg. “Komt voor de bakker,” zei ik. Ik liep de Oudestraat in, passeerde met een boogje de gebroeders Van Rossum, die daar met een cameraploeg de weg blokkeerden, en koerste rechtstreeks af op Bakkerij Smit. Er was namelijk maar één redding mogelijk voor deze middag: de Kamper slof. Bakkerij Smit is al tachtig jaar een begrip in de Oudestraat. Hun Kamper slof is inmiddels cultureel erfgoed. Het recept, een machtige combinatie van roomboter, amandelspijs en walnoten, is net zo geheim als de toverdrank van Asterix en Obelix. Het resultaat is een koek waar je niet alleen van geniet, maar waar je ook dagenlang op kunt teren.
Ik ben van mening dat elk overlevingspakket, naast een EHBO-set en een waterfilter, standaard een stuk Kamper slof moet bevatten. Vergeet sportdrankjes of proteïnepoeders; dit is het echte krachtvoer. Heb je onverwachte visite? Schotel ze een brok van deze slof voor en je hoeft de rest van de middag niks meer in huis te halen. Na zo’n voedzame traktatie willen je gasten nog maar één ding: urenlang rustig uitbuiken. Het is eigenlijk wachten op het eerste stripboek over dit Kamper-fenomeen. Tot die tijd houden we het maar bij het echte werk van de bakker!
(Stadscolumn #34 | 30 september 2021)

“WÖÖR BI’J D’R ENE VAN?”
Dat hoorde ik toen ik net (1995) in Kampen woonde. “Wat zeggen ze nou?”, dacht ik eerst. Later zag ik het ergens staan. Aha, zo schrijf je dat dus op zijn Kampers. Als iemand van “buitenaf” wist ik ook niet precies wat men hiermee bedoelde. Inmiddels ben ik ingeburgerd en versta ik het Kampers dialect, wat betekent dat ik nu met trots kan zeggen dat ik er “ene” ben. Hoewel ik geen inheemse Kamper familiestamboom heb, heb ik mijn bedrijf Passie voor Glans tot mijn eigen Kamper stamboom uitgeroepen.
