
EVEN NAAR HUIS BELLEN
Soms komt er tussen alle zakelijke telefoontjes op een dag ineens een telefoontje van ons jongste zoontje tussendoor. Hij weet dat hij niet zomaar moet bellen. Het moet wel echt belangrijk zijn. Acuut, zeg maar. Als het niet acuut is, krijg ik meestal gewoon een appje. Die zijn soms zo raadselachtig dat ik toch maar even bel om te kijken wat er allemaal gebeurt als ik er niet ben. Of het niet toch een situatie betreft waar ik acuut bij moet zijn. Er is de afgelopen jaren al wel eens wat gebeurd. Een hele nagel eraf na een speeltuinbezoek. Een gebroken enkel, een gekneusde arm, een hele heftige uitpakkende coronabesmetting, een megablauw oog na een zwembadbezoek. Het is soms fijn als we allemaal weer op adem kunnen komen. Laatst kwam er een niet-acuut appje binnen op mijn telefoon: “Pap, mag ik mijn hoofd kaalscheren?” Ik was al blij dat het niet iets was voor de eerste hulp. Uit pure opluchting appte ik meteen: “Ja”. Het stond in de app, daar kon ik inderdaad niet meer op terugkomen. “Je hebt het zelf gezegd, pap!” Zo geschiedde. Nou ja, ik heb het vroeger zelf eigenlijk ook willen doen. Ik had er alleen het lef niet voor. Ik ben blij dat ons zoontje een flinke dosis meer lef heeft dan ik. We gingen samen naar de kapper. Ik een coupe kort, hij een coupe kaal. Toen we een familiewandeling maakten om mijn moeder te gedenken, zei ik: “Doe maar even een muts op om opa niet aan het schrikken te maken”. Ik had kunnen weten dat ons zoontje zo’n groot nieuws niet voor zich kon houden. “Kijk opa, kaal hoofd”, terwijl hij de muts van zijn hoofd trok. “Zo, jongen”, zei opa, die ik zichtbaar zag schrikken van het witte, kale hoofd. “Zet maar snel je muts weer op anders vat je nog kou”. Ik gaf mijn vader snel een knipoog en ik heb hem nog tijdens de wandeling maar even apart genomen en uitgelegd dat hij dit gewoon heel erg graag een keer wilde doen. Een beetje de grenzen opzoeken.
Er zat bij wijze van spreken net weer een beetje dons op het hoofd toen er een appje op mijn telefoon binnenkwam. Een appje van hem. Ik zat net middenin een gesprek. Ik zei sorry tegen mijn gesprekspartner voor de onderbreking en keek snel of er niks aan de hand was. “Mag ik mijn haar rood verven?”, stond er. Rood? Kaal is nog tot daaraan toe, maar rood? Was dit acuut? Nee, dit was niet acuut. Ik appte snel: “Vraag maar aan mama”. Dan zegt zij maar een keer nee, gniffelde ik al inwendig en ik ging weer verder met het gesprek. ’s Avonds zag ik pas hoe ik me vergist had. Toen ik thuiskwam, had ik een kind met rood haar. Mijn vrouw had “ja” gezegd toen zij tijdens haar bezigheden werd overvallen door zijn vraag. Het haar van ons kind was niet gewoon rood, maar echt megarood. Blijkbaar is er een pakje permanente kleuring gebruikt. De verf gaat er niet uit na een paar wasbeurten. We zitten nu ’s avonds aan tafel met drie mensen van het gezin Brouwer en één wisselkind. Dit was duidelijk niet acuut, maar een geval waarin ik even naar huis had moeten bellen. Leermoment!
(Stadscolumn #56 | 30 juni 2023)

OVER DE AUTEUR
Achter de schermen van Passie voor Glans is Marinus Brouwer sinds 2014 de man die de standaard zet. In zijn werkplaats aan de Installatieweg wordt tot in de kern hersteld. Diezelfde precisie zie je terug in zijn teksten. Al sinds 1995 geworteld in Kampen, maar met een klantenkring die het hele land doorkruist, kijkt Marinus verder dan de buitenkant. Voor hem is een verhaal pas af als de details kloppen, of het nu gaat om een permanente kleuring of de noodzaak om op het juiste moment even naar huis te bellen.
