
GEWOON UITZWAAIEN
Onze burgemeester gaat weg, en dat vind ik oprecht jammer. Bort Koelewijn was in al die jaren een sympathieke gast die “gewoon” bleef doen, ondanks zijn ambt. Of het nu een ludieke actie was of een officiële opening: als je het vroeg en hij had tijd, dan kwam hij op de fiets aanrijden om pas op het laatste moment zijn ambtsketen uit zijn binnenzak te toveren. Bort Koelewijn was niet bang om de handen uit de mouwen te steken. Herinnert u zich nog dat hij de Kamperbrug in Amsterdam een lik verf gaf, omdat het onderhoud daar zo “verroest” slecht was? Of hoe hij zich hardmaakte voor de Kampereiland-kaas en jarenlang de koe de toren in hees tijdens de Kamper Ui(t)dagen? Hij leerde zelfs de fijne kneepjes van het melkbusschieten en heeft naar verluidt zelfs een eigen melkbus op zijn kantoor staan.
Van honderdjarigen tot huwelijksjubilea; Bort was erbij. Hij schreef columns in de plaatselijke kranten en deelde zijn belevenissen via Twitter. Hoewel het protocol “meneer de burgemeester” voorschrijft, dachten de meeste Kampenaren simpelweg aan “Bort”. Juist omdat hij wars was van deftig gedoe en oprecht meedacht met de stad en haar inwoners. Bij deze zwaai ik hem uit namens alle liefhebbers van nuchter vakmanschap. Dag Bort, bedankt voor alles en het ga je goed!
(Stadscolumn #33 | 31 augustus 2021)

“WÖÖR BI’J D’R ENE VAN?”
Dat hoorde ik toen ik net (1995) in Kampen woonde. “Wat zeggen ze nou?”, dacht ik eerst. Later zag ik het ergens staan. Aha, zo schrijf je dat dus op zijn Kampers. Als iemand van “buitenaf” wist ik ook niet precies wat men hiermee bedoelde. Inmiddels ben ik ingeburgerd en versta ik het Kampers dialect, wat betekent dat ik nu met trots kan zeggen dat ik er “ene” ben. Hoewel ik geen inheemse Kamper familiestamboom heb, heb ik mijn bedrijf Passie voor Glans tot mijn eigen Kamper stamboom uitgeroepen.
