KINDERFIETSDOKTER
Ik ken natuurlijk de gewone dokter. Verder ken ik het bestaan van een berendokter, een autodokter en een poppendokter, maar van het bestaan van een kinderfietsdokter was ik nog niet op de hoogte. Tot ik een bedrijfsauto binnenkreeg van zo’n “fietsdokter”.
Mooi initiatief! Je leest soms dingen over onveilig speelgoed of kindervervoer. Fijn dat er mensen zijn die zo’n kinderwagenpark veilig houden. Deze bedrijfsauto, begrijp ik van de bestuurder, rijdt per rayon langs scholen en kinderopvangcentra om daar kinderfietsjes te onderhouden en repareren, opdat deze veilig zijn en blijven om mee te spelen.
Ik nam een kijkje op de website; de monteur controleert en onderhoudt al het rijdend buitenspeelmateriaal en zo blijft zo’n wagenpark veilig. Omdat de dokter van drie onbruikbare fietsjes bijvoorbeeld weer twee rijdend maakt, ook duurzaam. Kijk, dat mag ik wel. Ik houd zelf heel erg van “doen met wat je hebt”. Niet meteen iets nieuws kopen als repareren mogelijk is. Het vak detailing hoort daar ook bij. Een auto kan veel langer meegaan als je deze van buiten en van binnen goed onderhoudt. Met preventie kun je al een hoop leed voorkomen.
De bedrijfsauto van deze kinderfietsdokter heeft net een onderhoudsbeurt inclusief nieuwe APK in de garage ondergaan en nu staan er nog wat ontsierlijke deukjes en bultjes restylen op het programma. De bultjes aan de buitenkant van de auto zijn eigenlijk microdeukjes die aan de binnenkant in de laadruimte zijn ontstaan. Dat kan wel eens gebeuren tijdens het laden en lossen. Hij komt precies op een goed tijdstip. Er staan al wat auto’s klaar voor een “restyle-sessie”. De bedrijfsauto kan aansluiten. De “dokter” kan er met een kop koffie op wachten als hij wil. Leuk! Ik werk natuurlijk vaak in mijn eentje aan een auto. Dus altijd gezellig als er weer een clubje mensen staat te beppen in de werkplaats en zorgt voor wat leven in de brouwerij. Deze keer heb ik weliswaar geen Kamper slof, maar de koffie staat altijd klaar.
( Stadscolumn #70 | 31 december 2025 )

“WÖÖR BIJ D’R ENE VAN?”
Dat hoorde ik toen ik net (1995) in Kampen woonde. “Wat zeggen ze nu?”, dacht ik eerst. Later zag ik het ergens staan. Aha, zo schrijf je dat dus op zijn Kampers. Als iemand van “buitenaf” wist ik ook niet precies wat men hiermee bedoelde. Nu weet ik het wel natuurlijk. Je ontwikkelt een “oor” voor het Kampers dialect als je hier wat langer woont. Inmiddels kan ik zeggen dat ik er “ene” ben van Passie. Denkt u misschien: dan heeft hij het toch niet goed begrepen? Jawel hoor! Bij gebrek aan een Kamper familiestamboom heb ik mijn bedrijf Passie voor Glans tot Kamper stamboom uitgeroepen.
De meeste autoliefhebbers weten wie ik ben en als ze het nog niet weten, moeten ze maar gauw mijn website verder bezoeken. Ik uutprakkezeer voor u regelmatig een mooi “stukkien” over Kampen, over auto’s en wat me verder nog te binnen schiet. De inspiratie komt vanzelf, want in Kampen gebeurt genoeg!
