
TUINFILOSOFEN
Na het aanleggen van ons nieuwe zonneterras en de vijver hadden mijn jongste zoon en ik wel wat rust verdiend. Lekker ‘chillen’ op de nieuwe tuinmeubelset met een goed glas fris en een schaal vol lekkere hapjes. We waanden ons echte tuinfilosofen. Tussen de blokjes kaas en plakjes worst door stelden we elkaar de meest existentiële vragen. Waarom zitten duiven dáár en niet hier? Waar kom je uit als je een gat boort tot de andere kant van de aarde? We hadden op elke grol en gein een antwoord. Het was een perfect vader-zoonmoment, totdat mijn vrouw haar hoofd om de keukendeur stak met een minder filosofische vraag.
“Weten jullie waar de ingrediënten voor de ovenschotel van morgen zijn gebleven?” De stilte die volgde was allesbehalve filosofisch. Terwijl we naar de lege schaal op tafel keken, probeerde onze jongste de situatie te redden: “Mam, we zijn nu even bezig met filosoferen!” Mijn vrouw begreep het belang van onze diepzinnige sessie, maar haar blik over de lege schaal sprak boekdelen. De volgende dag kregen we de ‘filosofische’ rekening gepresenteerd. Er stond een dampende schotel op tafel, maar ik miste iets: de salami en de geraspte kaas. Haar vraag aan de eettafel sneed dieper dan die van ons: “Als je de worst en kaas eruit laat, is een ovenschotel dan nog wel een ovenschotel?” Een wijze les voor elke tuinfilosoof: chappen heeft consequenties!
(Stadscolumn #62 | 31 december 2023)

“WÖÖR BI’J D’R ENE VAN?”
Dat hoorde ik toen ik net (1995) in Kampen woonde. “Wat zeggen ze nou?”, dacht ik eerst. Later zag ik het ergens staan. Aha, zo schrijf je dat dus op zijn Kampers. Als iemand van “buitenaf” wist ik ook niet precies wat men hiermee bedoelde. Inmiddels ben ik ingeburgerd en versta ik het Kampers dialect, wat betekent dat ik nu met trots kan zeggen dat ik er “ene” ben. Hoewel ik geen inheemse Kamper familiestamboom heb, heb ik mijn bedrijf Passie voor Glans tot mijn eigen Kamper stamboom uitgeroepen.
